Manuele therapie steunt op theoretische concepten uit de biomechanica en de neurofysiologie.
Ze bevindt zich op het kruispunt van verschillende medische specialiteiten zoals kinesitherapie, manuele geneeskunde, orthopedie en reumatologie.
De grondslagen van de manuele therapie zijn rechtstreeks gericht op het evenwicht tussen gewrichtsmobiliteit en -stabiliteit, waaraan alle kennis over de spiereigenschappen wordt gekoppeld: kracht, uithoudingsvermogen, soepelheid, neuromusculaire en neuromeningeale controle.
De gewrichtsmobilisaties worden gecombineerd met advies over houding, met actieve oefeningen en met een zelfbeheer door de patiënt, zodat de verbeteringen op termijn blijven bestaan.